Wat gebeurt er in een bedstee?

In oude boerderijen was vaak een bedstee in de opkamer boven de kelder. Een bedstee is een speciaal soort bed waarin geslapen werd. Het is een kast met gordijntjes of deurtjes, waarin op planken een matras was gelegd. Deze matrassen waren zakken gevuld met stro, katoen of paardenhaar. Tot ver in de negentiende eeuw sliep bijna iedereen in een bedstee, daarna deed het ledikant langzaam zijn intrede. De bedsteden zijn vrij kort. Wij zouden daar niet languit in kunnen slapen. Dat komt omdat de mensen kleiner waren dan nu, maar ook omdat men half zittend sliep. Dat zou gezonder zijn, dacht men. Men rustte tijdens het slapen geleund tegen een peluw, een stevig rond onderkussen, met daarop het kussen. Omdat er maar een beperkt aantal bedsteden in huis waren, sliepen de kinderen om en om – hoofd-voeten-hoofd – bij elkaar. In de bedstede van vader en moeder stond aan het voeteneinde op een plank het kistje met de baby er in. Omdat de deuren of gordijnen dicht konden, hadden vader en moeder toch nog een beetje privacy, maar echt gezond was het niet. Mensen hadden veel last van vlooien en bedwantsen. Vandaar dat de matrassen uit de bedstee elk jaar in het voorjaar ververst moesten worden.

Tekst-foto: Ineke Strouken

Deel deze post